Het enige zinnige topgesprek wordt gevoerd door alpinisten.
Het enige zinnige topgesprek wordt gevoerd door alpinisten.
The core of mans’ spirit comes from new experiences.
Nieuw-Zeeland was fantastisch, een aanrader voor iedereen. Dat is waarmee ik wil beginnen. Ik besef me dat ik zoveel geluk heb dat ik dit mag doen en daar geniet ik dan ook met volle teugen van! Dit besef, dat dit misschien wel de mooiste tijd van mijn leven tot nu toe is, maakt me ongelofelijk gelukkig (zelfs als het lijkt alsof mijn hoofd ontploft na een nacht met iets teveel goon op). Het maakt me ook emotioneel, iedere keer als ik eraan denk. Als ik dat moet proberen uit te leggen, is het omdat het hele plaatje klopt. De wereld lijkt zo mooi en ik ga uitleggen waarom. De mensen die ik heb ontmoet zijn geweldig, interessant en gepassioneerd. Je bouwt een band op met zoveel verschillende mensen en je leert waarom ze zijn hoe ze zijn. En dan is er natuurlijk nog de natuur, fantastisch! Zoals ik jullie al eerder heb verteld, geeft het me een geluksgevoel en dit gevoel zou ik heel graag ook met jullie willen delen. Ik hoop dat jullie zo een beetje mee kunnen genieten!

10 jan ’12: Na een lange wandeling stap ik de bus weer in. De buschauffeur is dit keer een dikke Engelse die zo mee had kunnen doen met Dames in de dop. De stad waar we heenreden, Greymouth, deed zijn naam eer aan en is dus geen verdere vermelding waard. We zijn op de weg ernaartoe nog wel gestopt bij een zeehondenkolonie en de pannekoekenrotsen. Het zag er allemaal mooi uit maar mede door het weer en het tij was het niet heel imposant. Doordat het eb was konden we namelijk niks zien van de spuitende blowholes die de pannekoekerotsen normaal wat extra flair geven.

11 & 12 jan ’12: Tot nu toe is het zuidereiland nog niet wat ik me ervan had voorgesteld. Daar werkt Franz Josef aan mee, het regent. Dat kaatste had ik wel verwacht maar in de eerste instantie was ik vooral teleurgesteld dat ik voor de eerste keer echt iets heb moeten laten schieten door mijn knie. Dit keer heb ik toch maar toegegeven aan mijn blessure omdat de gidsen me vertelden dat een knieblessure de meestvoorkomende reden was dat mensen opgehaald moesten worden door een heli. Je moet het dan nog zelf betalen ook dus dat risico wil ik niet lopen. Van de gletsjers heb ik dus niet zoveel gezien. De volgende dag, de dag dat ik eigenlijk de hike had willen doen, regende het en kwam iedereen die wel het ijs op was geweest terug zonder echt enthousiasme dus was ik de goden wel dankbaar dat ik heb besloten niet te gaan, een geluk bij een ongeluk. 12 jan ’12: Vanaf Franz Josef staat de reis naar Queenstown op het programma. Daartussen ligt echter ook Wanaka en dat moet ook heel leuk zijn dus ben ik daar voor de eerste keer op een tussenstop van Stray uitgestapt. Het was in een opvlieging, maar dat maakt het wel spannend. Ik heb eerst nog even naar een WWOOFF adres gebeld maar die wilden me niet hebben omdat ik geen ervaring had. Ik ben dus maar naar een hostel gegaan en daar ben ik een bekend Canadees meisje tegengekomen, wat Duitsers en Nederlanders. Die laten het ook echt nooit afweten. Bij die Nederlanders zat ook een stel van in de vijftig die het hele land door aan fietsen waren, respect.
13 jan ’12: Op de tweede dag in Wanaka heb ik afgesproken met Canada om te gaan mountainbiken. Na ongeveer een half uur langs de oever van het meer te hebben gereden, was onze grote vriendin zo slim om de voorrem te gebruiken. Dit grote meisje had nogal grote praatjes over haar mountainbike skills die meteen met de neus in de grond werden geduwd. Die neus dacht ze dus ook gebroken te hebben maar niks was minder waar. Alles viel dus uiteindelijk wel mee en nadat alle voorbijgangers, waaronder een knap meisje en haar moeder, medeleven hadden getoont, is ze samen met een mountainbikegids die toevallig langsfietste terug naar de stad gelopen en heb ik de track afgemaakt. Het knappe meisje ben na dit voorval nog twee keer tegengekomen. De tweede keer was na het mountainbiken, het was niet de laatste keer. Het mountainbiken zelf was trouwens ook heel vet. Moeilijke paden langs het meer en door het bos. Ik moet bekennen dat ik ook een keer een foutje heb gemaakt en over mijn stuur heen vloog maar gelukkig heeft mijn neus (en bril) het overleefd. Om even af te koelen ben ik het water ingesprongen en toen ik eruit kwam, zag ik Rose weer. Ze zat met de familie in de tuin van hun vakantiehuisje. De vraag was of ze, als locals, tips hadden voor een toerist. Vooral haar vader vond het helemaal fantastisch wat ik aan het doen was en hij wilde me het zelf allemaal laten zien. Ik moest wel even helpen met het ophalen van een paar stenen. Een list. Deze sluwe vos van een man had blijkbaar iemand nodig die stenen kon verslepen. Ik vond het allemaal wel mooi, onder andere omdat hij me thee aanbood na deze klus. Het was een andere verwoording voor de vraag of ik wilde blijven eten en veel bier wilde drinken. Omdat het door Boy, een Nieuw-Zeelandse film, nogal laat was geworden, was ik te laat in het hostel om nog in te kunnen checken. Gelukkig kwam ik hier een meisje tegen die wist dat er een kamer openstond op de tweede verdieping, daar ben ik dus ingedoken. Lekker, een gratis nacht eindelijk een keer alleen op een kamer en nog een tweepersoons bed ook, ensuite. 14 jan ’12: ‘s Ochtends heb ik weer afgesproken met de sluwe vos om Mount Iron te gaan beklimmen. We hebben het in een recordtijd gedaan en het is een fijne vent. Hij heeft zeven kinderen en heeft daarnaast nog tijd overgehouden om te trainen voor de marathon. Een biertje en wijntje om het vol te houden mogen dan wel. Om te trainen rende deze gek de hogere variant van Mount Iron, Mount Roy. Morgen gaan we is uitzoeken hoe gek hij wel niet is. Na onze inspanning (We hebben over een beklimming van 240 meter vijftien minuten gedaan) zijn we weer naar hun vakantiehuis gegaan om grootmoeders muffins uit te proberen, van een twaalf meter hoge brug te springen en aan het water te liggen.




15 jan ’12: Bij het ontbijt heb ik Bella ontmoet. Ze komt uit Hawaii en met haar ben ik Mount Roy gaan beklimmen. Ze had m’n moeder kunnen zijn maar toch dachten mensen dat we een koppel waren. Hoop maar dat het een compliment is voor haar… Samen hebben we, wat voor mij een premiere was, echt met een duim omhoog langs de weg gestaan. De lift die we kregen, was van een man die niet eens naar de berg moest maar die het gewoon leuk vond om ons te brengen. Geen verkeerde eerste ervaring dus. Na een half uur klimmen heb ik Bella achtergelaten, ze ging namelijk niet heel snel met haar zevenenveertig jaar en iets later ben ik met een Amerikaan, Justyn, door naar de top gelopen. Hij heeft Filosofie gestudeerd en dat was dan ook waar onze gesprekken voornamelijk over gingen. Natuurlijk ging het ook over reizen maar daar zit ook wel iets filosofisch in en het is het eerste waar je met de meeste reizigers over praat. Wat ik me door onze gesprekken ben gaan beseffen, eigenlijk wist ik het al maar nu is het besef echt gekomen, is dat dit een ervaring is die ik nooit meer hetzelfde ga beleven. De emotie en gedachtes die bij een eerste keer zo een reis maken komen kijken, zijn uniek. Heel simpel, maar daardoor niet minder waar. Je moet het doen wanneer je het nog kan. Vooral door verhalen van mensen die ik hier ben tegengekomen, ben ik het me echt gaan realiseren. Heb het namelijk altijd wel gezegd maar het echte begrip was er nog niet. Tuurlijk moet deze gedachten weer boven op een berg komen –It is magic, magic, magic-. Het was boven dan ook voor de zoveelste keer adembenemend en ik hoop dat ik er nog een hoop mag beklimmen. Dit keer had ik gelukkig even de tijd om te blijven en te genieten! Een avond poolen en drinken met een kop als een kreeft volgde. Ik ben doodmoe gestreden maar ben domweg gelukkig! 16 jan ’12: De vijfde dag alweer in Wanaka, zo lang ben ik nog nergens gebleven. Spijt heb ik er nooit van gehad, wat gaat de tijd snel hier. Iedere dag ben ik hier uitgecheckt met het idee dat ik misschien wel weg zou gaan. Iedere dag ben ik toch gebleven. Vandaag heb ik het ervan genomen. Rose en ik hebben naast het meer gelegen, gepraat en gezoend. Het leven lacht me toe.
17 jan ’12: Op de zesde en laatste dag in deze stad tussen de bergen ben ik de dag begonnen met een ontbijt met een ‘million dollar view’ vanuit mijn simpele hostel. Heerlijk zo’n begin van de dag. Vandaag is alleen anders omdat het de dag van het afscheid is en het is een van de moeilijkste tot nu toe. ´Gewoon´ aan het meer liggen en genieten van de natuur dat is wat we hebben gedaan. Op de twee uur durende weg terug liep ik langs een standbeeld. Dit is mijn herinnering aan haar: ‘beauty, passion, laughter, love’. Een goede fles wijn en verder.
18 jan ’12: De plannen voor vandaag waren eigenlijk om met Stray verder te reizen. Dat is er dus niet van gekomen. ‘s Ochtends ben ik namelijk twee Duitsers en een Nederlandse tegengekomen. Bernie, een ginger met zelfspot, Marie kon zijn humor makkelijk aan en Lisanne paaldanst. Ze hadden een auto en met hun ben ik in een keer door naar Te Anau gereden om de volgende dag Milford Sound te gaan bekijken. In Fiordland, deze provincie had mijn hoogste verwachtingen, werd ik verwelkomd door veelbelovende bergen. Het weer werkt in ieder geval mee! Ook Te Anau zelf, een stadje aan de rand van een meer dat verder is omgeven met bergen, was fantastisch. Een adembenemende zonsondergang hielp daarbij. We hebben geslapen in een mini tent op kussens van de bank van het hostel maar dat mocht niet deren. Ik heb prima geslapen tot vijf uur in de morgen. 



19 jan ’12: Zes uur zaten we namelijk alweer in de auto op weg naar Milford Sound. De weg ernaartoe was al ongelofelijk. We hebben een aantal stops gedaan onder weg. Deze droegen bij aan de voorpret. De stop bij de Mirror Lakes was daarvan de mooiste. Milford Sound zelf, onbetaalbaar, de reflectie op het water, perfect. De wallpaper van mijn computer thuis kan niet tippen aan mijn eigen foto van Mitre Peak! Om de hele fiord te zien (het is namelijk geen sound), hebben we een boottocht geboekt. Twee uur hebben we rondgevaren, kijkend naar en douchend onder watervallen. Er lagen ook nog een aantal zeehonden. Aan het eind van de boottocht, toen Mitre Peak nog mysterieuzer overkwam door de regen en mist, kreeg Marie heimwee en had ze het gevoel dat ze werd buitengesloten door de rest van de groep. Omdat ik net nieuw was in de groep, leek het alsof het door mij kwam. Dit bleek niet helemaal waar. Ik heb toch maar even afstand gehouden om zelf optimaal te kunnen genieten van de drie hikes die we nog na de boottocht hebben gelopen. Vooral de hike naar Lake Marian was veel te mooi. Hike nummer drie naar de Key summit was iets minder door het veranderlijke weer in dit deel van het land. Na deze hikes zijn we meteen helemaal doorgereden naar Queenstown, gewoon omdat het kon. Een dag van vijf tot tien, een dag waarin we Fiordland, de provicie uit mijn dromen, toch aardig heb leren kennen. Wat ben ik blij dat ik het zo snel en met een auto heb kunnen doen! Ik weet niet of ik het anders wel had gezien. Uitgaan na zo een uitputtende dag zat er voor mij niet meer in, ik heb geslapen als een roos.
20 jan ’12: Hoewel de meeste mensen langer in Queenstown blijven, moesten wij het in één dag doen. Gelukkig is het niet heel groot, daar staat dan weer tegenover dat er veel te veel te doen is. Ik heb toch geen geld meer over om te bungyjumpen of een helikoptervlucht te maken, dus ben ik maar weer een berg opgerend. De fysieke inspanning heb ik soms gewoon nodig. Deze verslaving is hier zeker geen straf want het had een volgend fantastisch uitzicht tot gevolg! Na de hike hebben we een fergburger gehaald en dat was geen slechte keuze. De fergburger is bekend in Nieuw-Zeeland en omstreken, zelf in Australie raadden ze het me aan en dat zegt genoeg. Aussies zijn namelijk, net als wij en nog veel meer landen met ons, niet heel positief over hun buren. Na zo’n hike is alles even extra lekker en nu was het alsof ik hemels voedsel at. Voor het uitgaan gingen we pesten. Het ging meer om de melige gesprekken dan om het spel en daarom was het super. Het dansen daarna was lekker! We hebben er een mooie avond van gemaakt.
21 jan ’12: De ochtend werd verwelkomt door een katertje. Dat heeft de buschauffeur ook geweten. Hij moest namelijk terugkomen om mij op te komen halen. Het geluk is dus zelfs met een kater aan mijn kant. Het drinken ben ik blijkbaar verleerd door de dure alchohol hier en daar mag ik nu de consequenties van dragen. Dit is daar alleen niet echt de geschikte dag voor, we rijden naar Mount Cook met lekker weer. Een stralende zon introduceert ons aan de hoogste bergen in Nieuw-Zeeland, wat heb ik toch een geluk. Toen we naderden begon het opeens te sneeuwen en dat heeft het volgens mij de rest van de dag gedaan. Een aantal uurtjes slaap hebben ervoor gezorgt dat ik niet alles heb meegekregen. Op de eerste dag dat er sneeuw uit de lucht valt op mijn reis heb ik wel samen met mijn nieuwe reisgenoot, Freek, een nacht in de Mueller hut geboekt waarvoor ik mijn verblijf in de regio voor drie dagen heb moeten verlengen. Ons eerste contact verliep nogal soepel. Freek begon een gesprek maar ik was zo brak dat normaal antwoorden te moeilijk was. Lachend als een boer met kiespijn heb ik dat medegedeeld.
22 jan ’12: Dit moest een grote dag tussen grote bergen worden en na een goede nachtrust had ik er zin in! We zijn begonnen met de mooiste eendaagse wandeling op het zuidereiland, de Hooter Valley Track. Een mooie route naar een gletsjermeer. Ik had zin om gek te doen dus ben ik erin gesprongen. Hier hebben we lekker twee minuten in gedobberd tussen de ijsschotsen en zijn toen onderkoelt teruggelopen naar ons hostel om naar onze slaapplek op twee kilometer hoogte te gaan wandelen. Dat wandelen werd klimmen, dat klimmen werd strompelen en toen we de hut zagen werd het weer rennen. De opluchting en de bewondering voor het uitzicht overheerste. Het uitzicht bestond eerst uit gletsjermeren en natuurlijk Mount Cook zelf, later kwam daar een grote vallei met gletsjers bij. Onze bestemming en slaapplek genaamd naar ene Mueller had een uitzicht om u tegen te zeggen. Mijn eerste nacht boven op een berg viel dus niet tegen. Door het heldere weer mochten we ook nog genieten van een geweldige zonsondergang. Dit inspireerde mij om met een geweldig plan op de proppen te komen. Ik had het idee om boven op de berg buiten onder de sterren te gaan slapen. Het was een droom om op een plek zonder enige lichtvervuiling buiten te slapen en de sterrenhemel was fantastisch. Door de kou heb ik er alleen geen seconde van hoeven missen. Drie lagen kleding waren niet genoeg. Af en toe gerommel alsog het onweerde door de lawines die elke tien minuten naar beneden vielen, maakten de ervaring af.
23 jan ’12: We hebben deze ochtend, zittend op onze vlag, als een soort van ontbijt gepicknickt op de top van een twee kilometer hoge berg. Lekker nationalistisch. Het geluk was weer eens met ons want we hebben ondertussen genoten van de mooiste zonsondergang die ik ooit heb mogen bewonderen. Het geluksgevoel is eigenlijk niet weggeweest de hele nacht en ochtend. Ik hoop niet dat het nog heel veel mooier gaat worden hier want mijn woordenschat begeeft het aardig. Zodra ik toegang tot het internet heb moet ik daar misschien maar wat aan gaan doen. De weg terug heb ik door mijn knie weer alleen moeten doen maar alleen afdalen, ben ik inmiddels wel gewend. Na wat te hebben gegeten, zijn we gelift naar de andere kant van de berg om daar de grootste gletsjer van Nieuw-Zeeland te bekijken. Een goede vervanger voor Franz Josef maar na wat we de laatste dagen hebben gezien, valt het een beetje tegen. Dat komt ook een beetje door het volgende risico wat we wilden nemen. We wilden naar het gletsjermeer klimmen om weer te gaan zwemmen maar dat bleek niet heel slim met slippers en we hadden de afstand een beetje onderschat. Omdat we hierdoor onze lift waren kwijtgeraakt, werd het ons wel heel erg heet onder de voeten. De zon eiste zijn tol en we hadden niet genoeg water mee. Gelukkig wilden de eerste mensen die we om een lift vroegen ons voor het hostel afzetten. Toen we daar aankwamen, ben ik meteen in slaap gevallen en heb ik weer geslapen als een roos.




24 jan ’12: Het doel was om in Christchurch te komen. Dat is niet gelukt. Morgen komt de Straybus heel vroeg al in Christchurch aan dus dat is veel makkelijker dan het eerste plan om te liften. Vanaf daar ga ik met Freek en Lisanne een nieuwe roadtrip beginnen. We zijn vandaag nog langs Lake Tekapo gereden, het volgende blauwe meer.
25 jan ’12: We hebben vandaag onze nieuwe camper opgehaald om naar het noorden te reizen. We gaan gratis een camper terugbrengen naar Auckland. Dat betekend weer wat vrijheid om een andere weg terug te nemen dan ik ben gekomen. Ook het hebben van een andere ervaring heeft meegespeeld in het besluit om een nieuwe roadtrip te gaan beginnen. We hadden het beter kunnen voorbereiden maar uiteindelijk, zoals eigenlijk altijd, is alles goedgekomen. We zijn met een Britz op pad gegaan en wat is dat een luxe in vergelijking met Pino. Britz zorgt zelfs voor een magnetron en kledinghangers. Onze bestemming is Victoria National Park geworden. Het zoeken van een goede plaats in mooie natuur is in Nieuw-Zeeland een stuk makkelijker dan in Australie en deze plek naast een beekje in het woud is daar een mooi voorbeeld van. De reis erheen was echter het hoogtepunt. De Arthur’s Pass, met vooral de stenenformaties in Castle Hill, was de moeite waard. Onder het genot van een wijntje hebben we ‘s Avonds genoten van een genotrijk kaartspel, aarsholen
27 jan ‘12: Onze tweede dag hebben we een voorspong op ons schema en dit keer moesten we zeker een schema maken omdat we, ook al zijn we in Nieuw Zeeland, er toch wel een aardig tempo in moesten houden om op tijd in Auckland aan te komen. Dat betekend echter niet dat we niet hebben kunnen genieten en tussendoor even rustig op een plek konden blijven, daar hadden we nog wel tijd voor. Uiteindelijk hebben we er vandaag opnieuw voor gekozen om verder door te reizen dan we van te voren van plan waren. Het weer zat niet echt mee en het voelt gewoon goed als je in een auto zit om kilometers te maken. Het rijden zelf verveelt ook zeker niet, al helemaal niet als je op kleine slingerwegen door een sound rijdt. Omdat de wegen over Kenepuru sound zo vet waren, zijn we een heel stuk de sound ingereden naar een afgelegen strandje en daar hebben we weer gedaan waar we goed in zijn ‘s avonds. Dat houdt net zoals gisteren wijn en kaarten in. Natuurlijk hebben we ook rondgehangen op het strandje, dat was namelijk echt ongelofelijk mooi. Het was misschien zelfs een beetje te vergelijken met Milford Sound. Het slechte weer geeft het vandaag een heel mysterieuze uitstraling. 28 jan ‘12: We zijn vandaag eerst even blijven hangen omdat we pas om zes uur onze ferry moeten pakken. We hebben dit keer echt op het strand kunnen liggen, het weer is in een nacht namelijk totaal veranderd en er is geen wolkje meer aan de lucht. We zijn wel op tijd vertrokken naar Picton omdat we de hele sound nog uit moeten. Dichtbij Picton zijn Freek en ik nog even een paar keer van een stijger gesprongen om op te frissen en dat was nodig ook. Daarna zijn we doorgereden naar Picton, waar we een oliebol hebben gegeten die volgens de vrouw achter de balie de beste in dewereld moest zijn. Hij was lekker maar tegen onze eigen oliebollen thuis kon hij zeker niet. De ferry was dit keer toch wel wat mooier, wat werkt slapen toch goed. Op het noordereiland, in Wellington, hebben we van Freek afscheid moeten nemen en zijn Lisanne en ik doorgereden opweg naar de meest beklommen berg van Nieuw Zeeland, Mt Taranaki. Om hier wel echt even de tijd voor te hebben, hebben we wel goed door moeten karren. Maar door er een lange nacht rijden van te maken hebben we uiteindelijk Wanganui bereikt, wat niet heel ver van onze bestemming is. Dit is voor mij ook de eerste keer echt lang doorrijden in de nacht omdat het in Australie niet kon. Waar we zijn gaan staan, was dus een verassing voor de volgende morgen.
29 jan ‘12: De verassing is een plek naast een meer geworden waar, toen we wakker werden, een waterskiwedstrijd werd gehouden. Hier hebben we even gekeken en daarna zijn we doorgereden naar Wanganui. In deze lelijke grijze stad hebben we informatie ingewonnen voor het beklimmen van Mt Taranaki en daar werd ons verteld dat als het weer zo zou blijven als het was, dat we dan beter niet konden beginnen aan de beklimming van deze vulkaan. Dit hebben we dus ook niet gedaan. We zijn wel naar de voet van de berg gereden en vanaf de pakeerplaats hebben we een aantal hikes gedaan. Dit hield in dat we voornamelijk door het bos liepen. Gelukkig was het weer wel een beetje opgeklaard en dus konden we in de avond de vulkaan zien. Toen we aan kwamen rijden, leek het namelijk of we door een plat boerenlandschap reden. Het fantastische uitzicht uit het raam van onze Britz deed me bijna vergeten dat eerder deze dag mijn laptop waterschade heeft opgelopen. Ik weet dat ik er niks aan kan doen maar zou wel zuur zijn als ik alle foto’s van twee van de mooiste weken uit mijn leven echt kwijtraak. Op dit moment mag ik alleen niks anders van mezelf doen, dan genieten van een van mijn laatste dagen in dit geweldige land. 30 jan ‘12: Wakker worden op deze plek was bijna net zo betoverend als het bekijken van de zonsondergang, ook al hebben we de zonsopkomst gemist. Het voelt gewoon heerlijk om wakker te worden en in de zomer met lekker weer misschien toch nog naar de top van een besneeuwde berg te hiken, vooral omdat ons gisteren is verteld dat we dat waarschijnlijk niet konden doen. Jammer genoeg is alleen niet iedereen het ermee eens dus moet ik genoegen nemen met de top van de tweede berg, zeshonderd meter lager. Het was wel genieten geblazen op de top en ook het uitzicht van deze berg was fenomenaal. Omdat Lisanne was verdwaald, heb ik anderhalf uur op de top mogen wachten (ik vond het namelijk alles behalve een straf om zo lang boven te blijven) en daarna heb ik nog een klein stuk van Taranaki beklimt om toch nog even dat koude witte spul aan te raken. Op dat koude witte spul heb ik me kostelijk vermaakt. ‘s Avonds zijn we aangekomen in Okato, waar de oudtante en oom van Lisanne wonen, en daar hebben we heerlijk gegeten en konden we onszelf weer eens opfrissen. Het zijn fantastische mensen maar na ongeveer veertig jaar in Nieuw-Zeeland is hun engels nog steeds niet om over naar huis te schrijven. Het woord ‘hospitality’ kennen ze wel en dat maakt deze nacht een goede gelegenheid om uit te rusten. Nadat ik zag dat mijn computer weer tekens van leven liet zien, zag ik het leven in een keer weer met een zonnetje tegemoet enwas ik klaar de volgende dag naar Auckland te rijden en terug naar Australie te vliegen!
31 jan ‘12: Deze dag is de dag van het afscheid van het land waar ik nog veel over ga dromen. Het gevoel wat vandaag overheerst is niet droevig, het is blijdschap. Ik ben zo dankbaar dat ik hier twee maanden heb mogen rondreizen en dat ik er op het moment zelf zo van heb kunnen genieten. Dit weerzingwekkende mooie land heeft me betoverd en de betovering heeft ervoor gezorgd dat ik nooit meer afscheid kan nemen van het reizen, ik ben verslaafd! Arohanui Aotearoa! (Betekend in Maori zoiets als vaarwel met liefde land van de lange witte wolk) 





The freedom and simple beauty is too good to pass up…

Een uur zitten bij een aardig meisje vliegt voorbij als een minuut, maar een minuut op een brandende kachel lijkt wel een uur. Dat is relativiteit.
G’day everyone,
Hierbij een reisverslag van mijn eerste weken Ozzie. Ik heb een ongelofelijk (dit woord ga ik heel vaak gebruiken omdat dat is hoe ik me heel vaak heb gevoeld) drukke en mooie tijd gehad maar daardoor ben ik niet echt toegekomen aan het schrijven van mijn blog. Nu kan ik met genoegen meededelen dat ik klaar ben met een beschrijving van mijn eerste weken. Voor foto’s kunnen jullie op mijn facebook kijken. Ik kan ze hier namelijk (nog) niet toevoegen.
24 & 25 nov 2011: Vandaag zijn we aangekomen in een ongelofelijk luxe hotel in Taipei. Na een slopende vlucht achter de rug te hebben, is het tijdsbesef totaal verdwenen. Straks doorvliegen op de volgende vlucht nu wel naar de eindbestemming!
26 nov 2011: Na een lange vlucht zijn we aangekomen in Sydney, eindelijk. Ook al heb ik de vlucht niet al te erg gevonden doordat het gezellig was en interessant om iedereen te leren kennen, is het toch wel erg vermoeiend geweest. Op het vliegveld werden we opgehaald door Australian Backpackers en met een bus naar het Hostel gebracht. Op de weg naar het hostel zijn we wel eerst nog even langs een uitkijkpunt gereden om het Opera House te bekijken. We zijn trouwens goed verwelkomt in Australië (Oz), leuke mensen hier! Zes uur moesten we verzamelen voor onze eerste barbecue (barbie). De kakkerlakken die er rondliepen maakten het alleen maar leuker, vooral de uitbarsting van Maartje toen ze er één zag. We hebben ook voor het eerst een kangaroe gezien. Hij lag wel op ons bord. Om de dag goed af te sluiten zijn we nog het nachtleven van Sydney gaan ontdekken. In de tweede club waar we aankwamen, ben ik met een jongen uit Bilthoven in gesprek geraakt. Hij, Lennart, is ook op reis met Australian Backpackers. hij heeft hetzelfde plan als ik. We willen dus misschien een auto gaan huren en naar Brisbane reizen. Het enige nadeel van de club waar we waren, was dat ze House draaiden. We wilden dus naar Armin. Hij draaide op dat moment in Soho. We kwamen er jammer genoeg niet in dus zijn we naar Kings Cross gegaan. Heel fijn. We konden daar namelijk afsluiten met, ja hoor, ook in Sydney, Techno!
27 nov 2011: Zes uur alweer op. Er ligt namelijk niet alleen een walrus bij ons op de kamer maar ook een zeekoe (Jeroen en Rico) en ze produceren een orkest. Ach ja, we gaan gewoon weer genieten van de tweede dag Oz. Eerst naar de Botanic Gardens. Nu voel ik toch wel echt dat we in een heel ander land zijn dan ik ooit eerder ben geweest! Een kakatoe die zo je arm op vliegt, maak je niet elke dag mee! Dit beloofd veel goeds. Daarna zijn we doorgelopen naar de haven, langs het Opera House, om een ferry te pakken naar Watson Bay. Wat een luxe daar, ik zou het geen probleem vinden daar te gaan wonen. De ferry heeft ons alle hoogtepunten van Sydney vanaf het water laten zien. Bij Watson Bay gingen we picknicken. We hebben hier wat gegeten en het was vooral heel gezellig. Ik houd er niet van, klagen, maar toch ga ik even vertellen dat mijn knie het een paar keer af heeft laten weten en ik loop er nu bij als een piraat met houten poot. Na even op het strand te hebben gelegen, zijn we teruggegaan en hebben we heerlijk gegeten aan de haven. De gesprekken over Aboriginals en hun problemen in de Australische maatschappij hebben me geïnspireerd meer te leren over hun cultuur. Intussen hebben Maartje en ik hebben trouwens na zitten denken over de komende weken. We zijn van plan een trip te maken naar de outback en inventariseren wie er mee willen. Grote Niels is de eerste geïnteresseerde, goede zaak, fijne vent! Op de weg terug zorgde Jeroen, onze Haagsche sfeermaker er even voor dat er paniek uitbrak. Onze spullen zouden overhoop in de kamer liggen.. Gelukkig niks van waar. Toen we terugkwamen, zijn we de Pub ingedoken. Er zong een hele grote neger met een hele aanstekelijke lach op z’n gezicht. Krijg meteen respect voor deze levensgenieter en hij zorgt bij mij ook meteen voor een warm gevoel en een drive om te leven. Hier sluiten we de dag goed mee af.
28 nov 2011: Echte mannen lijden aan slapenloosheid. We gaan een dag tegemoet vol regelen, niet heel boeiend dus. Wel zijn we erachter gekomen dat het plan om naar de outback te gaan echt niet haalbaar is. Zonde. Nu maar is kijken of er alternatieven zijn en anders kan ik ook nog gewoon het oude plan aanhouden. Nu eerst maar weer genieten. Morgen moeten we namelijk vroeg op voor de Blue Mountains, zin in!
29 nov 2011: De eerste keer echt de natuur in, zin in! We hebben een tocht afgelegd van drie uur en wonder boven wonder heeft mijn knie het aardig volgehouden. De tocht was om van te genieten, met als hoogtepunt zwemmen onder een waterval! Verder mag je zelf oordelen aan de hand van de foto’s. Hiervoor ben je naar de andere kant van de wereld gevlogen. ‘s Avonds weer uitgeweest, ondanks de moeheid. Roos ging helemaal los dus ik kon niet achterblijven, ook al liet de muziek te wensen over.
30 nov 2011: Opnieuw een regeldag. We gaan de reis naar Brisbane regelen. Heel raar om te weten dat je met iemand gaat die je nog maar tien minuten hebt gesproken, Leon. Vroeg opstaan en naar Ducktravel, ondertussen elkaar leren kennen. Hij is net zo enthousiast en positief ingesteld dus dat komt wel goed. Wat vooral opvalt tot nu toe in Australië, is dat het ongelofelijk duur is hier. Vooral de campervan is toch duurder dan we hadden gedacht. We zijn dus andere opties gaan bekijken om in Brisbane te komen. Een andere optie was het surfkamp en dan wat langer in Sydney blijven. Uiteindelijk zijn we toch weer uitgekomen op het oude plan, daar komen we op de een of andere manier toch steeds op terug dus het moet wel goed zijn. We gaan met z´n vieren, Leon, Lennart, Renske en ik, richting Brisbane rijden in een Wicked van (die we tot Pino hebben gedoopt omdat er een sticker van Saint Pio op de voorruit zat geplakt)! Vooral het gevoel van vrijheid overheerst! We kijken wel waar we uitkomen en wat we meemaken. Vanaf Brisbane gaan we met de bus naar Fraser Island, het grootste zandeiland in de wereld. Daar gaan we opsplitsen. Leon vliegt terug naar Sydney voor een surfkamp, Lennart gaat door naar het noorden en Renske en ik gaan dan terug naar brisbane en vanaf daar naar NZ! Ben benieuwd hoe het gaat lopen. In ieder geval zijn we voor mijn gevoel weer verder op de goede weg en kan het avontuur nu echt gaan beginnen. Ik kan alleen niet ontkennen dat het wel spannend is deze veilige omgeving te verlaten. Eigenlijk had ik op het moment zelf niet eens tijd om erover na te denken. Toen we net aan het betalen waren, kwam Marloes van Australian Backpackers namelijk binnenvallen met de mededeling: ‘er is vanavond een speciaal surf evenement, surfers met lichtgevende pakken, en daarna een feest in Bondi (de wijk bekend om de surfsfeer)’. Je bent hier om je leven te leven dus als er iets leuks te doen is, dan doe je dat gewoon. dit voelt goed! De nacht was super, afscheid genomen van iedereen (volgens mij ben ik daar echt een held in na deze trip), vuurwerk en een goede sfeer. Bondi is wel iets voor mij.
1 dec 2011: Eigenlijk was het plan om de puntjes op de I te zetten en snel te vertrekken vandaag, maar het is toch allemaal net even iets anders gelopen. We hebben besloten om met z’n allen de van op te gaan halen omdat we dan niet helemaal door Sydney hoeften te rijden. Wat Renske alleen eerst nog moest doen, is het boeken van een vlucht naar Auckland. De prijs voor deze vlucht was alleen veel hoger dan ze had ingeschat dus haar plannen gaan veranderen. Ze gaat naar Perth. In het begin was het een teleurstelling, maar na een moment te hebben gehad om na te denken, ben ik het een stuk positiever gaan bekijken. Omdat ik met het reisbureau ben gaan praten. Zij hebben me de opties in NZ laten zien. Wat ook nog meespeelt, is dat ik omdat ik met Australian Backpackers ben gekomen bijna alleen nog maar met Nederlanders ben omgegaan. Dit was natuurlijk niet waarvoor ik ben gekomen. Wel alvast kijken wat de opties zijn in NZ want het wordt nu natuurlijk wel de eerste keer dat ik echt alleen aan ga komen in een vreemd land.
Toen kwam het moment van vertrek, rond een uur, na nog een keer van iedereen afscheid te hebben genomen. Een heel raar moment. Wij, met backpack achterop, naar de trein om richting Wicked te gaan. De vans die daar stonden, vielen wel tegen. Wel zagen we één campervan die we heel graag mee zouden willen nemen. Onze gebeden werden blijkbaar gehoord, want juist die ene kregen we mee! Eenmaal op weg reden we over de Harbour Bridge Sydney uit toen Lennart werd gebeld met het bericht dat hij zijn paspoort was vergeten, dwars door de stad terug dus. Dat wilden we juist voorkomen. Toen we echt de stad uit waren gereden, was de stemming niet meer opperbest, de spanning overheerste blijkbaar. Nog zo veel mogelijk kilometers maken voor het donker, dat is wat we nu wilden. Toen het donker was, zaten we nog steeds op de weg. Snel een slaapplek zoeken dus. We kwamen aan bij een ongelofelijk mooie plek aan zee waar we van plan waren in de duinen te gaan slapen. We waren helemaal enthousiast. Onze dromen werden alleen verstoord door een man die ons vertelde dat je daar niet mocht kamperen. Verder zoeken dus en uiteindelijk hebben we op een mooie plek ook aan het strand de tent opgezet. Na zo’n vermoeiende dag was het in ieder geval gemakkelijk in slaap te komen.
2 dec 2011: Het opstaan was geen pretje. Dit keer werden onze dromen verstoord door de regen en een tent die niet waterdicht was. Wij snel alles in de regen inpakken, valt de laptop die ik had gekregen voor sinterklaas. Voordat ik wilde kijken of hij het had overleefd, moest er eerst wat anders gebeuren. Iedereen was moeilijk wakker geworden dus ik had besloten eerst maar is te zorgen dat we weg konden rijden. Tent oprollen, helemaal nat, alles zat tegen. Toen we weer in de auto zaten, bleek de laptop het godzijdank nog te doen! Opluchting! Doorrijden dan maar en ondertussen besef ik ook wel dat we het eigenlijk allemaal niet zo slecht hebben gedaan. Wel moesten we wat anders gaan verzinnen voor de komende nachten. Nu had ik al de hele dag tegen Renske gezegd dat ik het ook wel overwoog om een keer bij iemand aan te bellen om te kijken hoe gastvrij ze wel niet zijn op het platteland in Oz. Misschien konden we dan wat beter slapen dan vannacht. Samen met Pino (onze van) zijn we de tourist drive richting Barrington Tops National Park gaan volgen. Ook al duurt het nog een tijd voordat ik aan NZ mag ruiken, doet dit me toch denken aan The Shire in The Lord of The Rings. Na een tocht die door de slechte wegen aanvoelt alsof we meer dan een dag onderweg zijn geweest, kwamen we aan in een regenwoud waar geen hond te bekennen was. Wat we daar wel hebben gespot zijn wallaby’s, een kalkoen en heel veel bloedzuigers. Het pad hebben we door de bloedzuigers niet afgemaakt omdat het meisje in ons midden een beetje bang was dat er een op haar huid zou komen (eigenlijk wij allemaal wel, omdat we totaal geen idee hadden of die beesten ziektes mee konden dragen). Juist omdat er niemand te bekennen was, gaf het een heel speciaal gevoel alleen op de wereld te staan in een wereld waar de dieren nog de baas zijn. Op de weg terug naar de Pacific Highway zat ik achter het stuur toen we langs een afslag naar Buladelah reden. We reden dus een stukje terug, ook langs de bakker waar we al langs waren gekomen. Heel veel brood hadden we niet meer over dus gingen we er even naar binnen. We gingen gezellig praten met de twee vrouwen achter de balie. Ze vroegen of wij ook naar dat Techno festival gingen in de buurt, niet dus. Verbaasd en enthousiast ging het gesprek verder. Wij waren op zoek naar een plek om te kamperen en in de winkel ernaast stond een vrouw (Debora) die ons wel wat kon vertellen. Wat zij deed had ik niet durven dromen. Het was echt een hele leuke, interessante vrouw met veel reiservaring en de interesse was blijkbaar wederzijds. Ze nodigde ons na het gesprek namelijk uit om bij hun familie op het terrein te komen kamperen. Van het één kwam het andere en de vrouwen in de bakker begonnen een doos in te laden met alles wat ze nog hadden liggen (snoep, kisch en veel brood). Ze vroegen nog wel aan Debora of ze niet eerst even haar man moest bellen maar dat vond ze niet nodig. ‘Ik heb besloten het gewoon te doen’ zei ze. Dit is echt waar je op hoopt als reiziger! Dit moment moesten we natuurlijk wel even vereeuwigen. Ondertussen stond Pino te wachten om naar de volgende mooie plek te worden gereden en ook hij kreeg wat zijn hart begeerde.
De paarden kwamen al op ons af gerend toen we het erf opreden. Het is een echte Australische Farm. Volgens mij heb ik wel eens een serie gezien in Nederland die hier ook over gaat en die hier ook op lijkt (McLeod’s Daughters werd me later verteld). Wij, Leon en ik, waren meteen al heel enthousiast en dankbaar voor wat ze voor ons deden. Zo zijn wij gewoon. Later vertelde Renske dat ze het moeilijk vind om ermee om te gaan, te overdreven volgens haar. Laten we het er maar op houden dat ze Fries is en dat het door de Friese nuchterheid komt. Volgens mij moet het gewoon voor jezelf goed voelen, dan komt het ook goed over. Het huis waar ze leefden (ze hadden er drie op het erf staan), werd verbouwd maar ondanks dat mochten we daar gewoon zijn. Eenmaal binnen hebben we kennisgemaakt met de rest van de familie. David, haar man, was de kerstverlichting aan het ophangen. Hij was overdonderd maar wel in de positieve zin van het woord. Mitchell, hun zoon, kwam even later ook naar beneden en het viel meteen op dat het een ongelofelijk slim mannetje was. Debora en David hadden vroeger zelf ook heel veel gereisd en omdat ze zelf ook vaak heel gastvrij waren ontvangen, wilden ze dat ook voor anderen doen. Dit was ook het eerste wat in mij opkwam. Toen we kennis hadden gemaakt, hebben ze ons even het land laten zien. Het land was niet groot voor Australische begrippen hebben we ons laten vertellen maar ze hadden wel een rivier. Toevallig hadden wij het geluk dat we op de stijger de zonsondergang konden bekijken. Toen we daarna de tent hadden opgezet (een tent die we van hun mochten lenen, omdat die van ons ongelofelijk stonk na hem nat in te hebben gepakt, zodat die van ons kon drogen), had Debora al de tafel gedekt. Ze had de kisch die we hadden gekregen warm gemaakt, een salade gemaakt en daarbij stond koud bier, heerlijk! Onder het eten, allerlei verhalen gehoord over overstromingen, slangen, hun reizen en over Mitchell en zijn klarinet. Waar ik wel van baalde, is dat ik niet heb kunnen vragen hoe zij de Australische geschiedenis beleefden. Na het eten heeft David voor ons een kampvuur gemaakt en daar hebben we nog even al onze belevenissen besproken. Een geweldige dag die we kunnen afsluiten met een douche en een nacht in een droge tent! De afsluiter van de dag: ‘Je kunt nog zoveel betalen voor een brood bij de bakker en een dure campervan. Deze ervaring, onbetaalbaar!’.
3 dec 2011: Heerlijk wakker geworden. Heel lang hebben we ook niet geslapen maar dat deert niet. Nu we internet hebben, gaan we eerst allemaal even skypen. Het eerste korte contact met thuis. Omdat iedereen wel even wilde en we door het tijdverschil niet heel veel tijd hadden, is het wel rommelig. Wel heel fijn en iedereen wordt er blij van. Al helemaal toen we zagen wat er op tafel stond. Een ontbijt, zelfs voor onze Nederlandse standaard, fantastastisch! We hebben daarna afscheid genomen van Debora omdat ze naar haar werk moest, wat een leuke vrouw dat moet ik nog één keer benadrukken. De buurvrouw kwam ook nog even langs en zij bood ons nog aan om ons gratis naar binnen te krijgen in dat festival waar ze ons eerder ook al over hadden verteld. Er moest wel eerst even gebeld worden. Ik zag mezelf al helemaal staan. Into the Woods keer twee. Jammer genoeg had de rest er geen zin in en hebben ze zonder mij erbij te betrekken besloten er niet heen te gaan. De eerste ruzie is geboren. Uiteindelijk was het niet eens mogelijk, maar toch rijden we weg met een moeilijk gevoel. We hebben het wel snel uitgepraat en duidelijke afspraken gemaakt. Zo typisch dat het weer over verschillende plannen moet gaan. Wat steun van Maartje als het gaat om dit onderwerp gaat, was hier zeker wel welkom geweest. Vervolgens zijn we vanaf het huis van Debora weer richting de Pacific Highway gereden, maar daar zijn we meteen weer afgeslagen naar de volgende tourist drive richting Forster. Met heerlijk weer aangekomen bij een meer. Daarna doorgereden naar Forster, waar vissen werden gevild en daarna gevoerd aan de pelikanen die er als aasgieren opafkwamen. Wat een grote, lompe beesten zijn dat. Inmiddels was het al bijna donker dus hebben we het al snel opgegeven voor het donker een slaapplek te vinden. We zijn dus maar op een camping gaan staan en hebben gezegd dat we met twee man waren. In ieder geval hebben we daardoor wel lekker kunnen douchen.
4 dec 2011: Eindelijk heb ik weer even kunnen sporten. Ze hadden namelijk onverwacht ook een zwembad op de camping. Hier heb ik dankbaar gebruik van gemaakt door een uur eerder op te staan en voor vertrek wat banen te trekken. Eerst zijn we even naar de pier gegaan omdat we daar dolfijnen zouden kunnen spotten, wat waar bleek te zijn. Onze eerste ervaring met wilde dolfijnen. Vervolgens doorgereden naar Port Macquarie, waar we even de zee in zijn gegaan en naar het koala hospital zijn geweest. Hier zijn we ook de eerste Nederlandse backpackers tegengekomen. Eigenlijk wel jammer dat dat niet vaker gebeurd als je met een campervan reist. De vraag voor de rest van de vakantie is of het opweegt tegen de plekken en ervaringen die je ervoor terugkrijgt. Weer is het een strijd tegen tijd om op tijd een slaapplek te vindenvoor het donker. Uiteindelijk hebben we die dit keer wel gevonden in Hungry Head. Een plek met een fantastisch uitzicht en een fantastische naam. We hebben hier in de regen onder de achterklep gekookt met soundtracks op de achtergrond. Ondanks dat niet iedereen er de lol van in kon zien, vond ik het toch wel horen bij ons avontuur.
5 dec 2011: Zes uur ´s ochtends kwam er een auto langs die met groot licht op onze tent scheen en blijkbaar vonden ze het ook nog nodig om te toeteren. Laten we het er maar op houden dat ze ons wilden waarschuwen. We mochten hier namelijk eigenlijk niet staan, dat mag nergens, maar deze morgen kwam de caretaker van de camping waar we naast stonden op ons af. Hij stond in zijn onderbroek, gezellig. Gelukkig heb ik ons eronderuit geluld. Hij had zijn zoontje verloren een tijd geleden en er was nu een sofa op zijn graf gegooid. Hij had zich dus maar lam gedronken. In ieder geval wilde hij het wel, in ruil voor een vuurtje, door de vingers zien.
Doordat we zo vroeg zijn wakker gemaakt, konden we wel heel vroeg vertrekken. We hebben op de weg naar Byron Bay weer een trourist drive (de waterfall way) gepakt. De eerste stop was in een klein stadje, Bellingen, met ´oude´ huisjes voor Australische begrippen. We waren Bellingen nog niet uit en we kwamen al langs de eerste watervallen. We hadden alle tijd van de wereld dus we zijn maar even gestopt om ervan te genieten. Er stond toevallig ook een man uit NZ, waar ik even een praatje mee heb gemaakt. Hij vertelde dat boven op de berg hele mooie wandelpaden dwars door het regenwoud lagen. Zo’n tip laat je natuurlijk niet naast je liggen dus we zijn doorgereden naar het Dorrigo National Park waar we een tour van drie uur door de wildernis hebben gemaakt. Dit keer gelukkig zonder al te veel bloedzuigers. Inmiddels wisten we al wel dat ze onschuldig waren dus we zouden ons sowieso niet nog een keer door ze laten wegjagen uit zo’n mooi stuk natuur. Met watervallen, lianen, bomen zo oud dat ze de tijd van de dinosauriërs hebben meegemaakt en vogels die de meest rare geluiden maken (het leek wel op lasergamen in het oerwoud), is het een van de mooiste stukken Australië die ik tot nu toe heb gezien. Leon kan het allemaal het best van ons allemaal samenvatten. We hebben inmiddels al tientallen keren van hem gehoord dat hij geniet van het leven en dat het zo verschikkelijk mooi is en daar heeft hij ook wel gelijk in. Vooral omdat hij een moeilijke tijd achter de rug heeft, met een operatie aan zijn darmen, is het leuk om hem zo positief te horen praten. Het geeft mij ook energie. Deze avond zijn we beland op een minder mooie plek, aan de snelweg. We hebben wel heel veel kilometers kunnen afleggen en zijn nu bijna in Byron Bay. We hebben weer pasta bolongese gekookt zonder gehakt. De insecten die ons kwamen vergezellen maakten het extra gezellig. Ze waren groot, laten we het daar maar bij houden.
6 dec 2011: We zijn aangekomen in Byron Bay, met een grote teleurstelling. We hebben na onze reis met Pino, fraser island gepland. Dit kan niet doorgaan omdat ik bij het plannen geen rekening heb gehouden met het feit dat mijn agenda geen rekening houdt met het tijdverschil. Ik heb er in ieder geval van geleerd dat je alles goed moet checken voordat je zoiets boekt. Na veel afwegingen, hoe we het het beste kunnen oplossen (later naar NZ kan niet, bustickets verplaatsen ook niet), ben ik tot de conclusie gekomen dat ik vrede moet hebben met het feit dat het me geld gaat kosten. That’s life. We hebben ook nog mooie dingen gezien en daar heb ik zeker ook nog van kunnen genieten. Kliffen en groepen van tientallen dolfijnen hebben deze dag kleur gegeven. Ondanks de regen. We hebben daarna uitgezocht waar we surfboards konden huren en voor de zoveelste keer zijn we daarna weer opzoek gegaan naar een slaapplek. We zijn dit keer, na een aantal keer vragen aan locals, uitgekomen op een plek naast een brug. Hopen dat het niet gaat regenen.
7 dec 2011: Weer vroeg op, nu krijg ik toch wel zin in de ‘luxe’, ja zo voelt dat nu, van een hostel. Het eerste wat we moesten weten, is hoe we het gingen doen met Fraser island. De beste oplossing, en ik ben heel blij met deze oplossing, is Fraser een andere keer te doen (ik heb er een voucher voor gekregen) en de buspassen te laten voor wat ze zijn. Omdat het weerbericht voor Fraser heel erg slecht is, heeft Leon ook besloten het later te doen. Wij zijn dus samen vijf dagen in Brisbane. Na contact met thuis, eindelijk goed contact, zijn we gaan surfen. De golven waren twee meter. Ik had dan wel wat ervaring van twee surfkampen van Vinea vroeger, maar dit was toch wel wat lastiger. Na twee uur door elkaar te zijn geschud en een bord van Renske lichter (waar ze uiteindelijk tweehonderd dollar voor heeft moeten betalen, echt idioot), ben ik tevreden over de vooruitgang. Het staan lukt en ik ben helemaal uitgeput. Fysieke inspanning helpt heel erg tegen al die gedachten. Wat er nog aan ontbreekt, is een feestmaal om de dag af te sluiten. We hebben een voucher voor gratis eten gekregen dus daar gaan we maar gebruik van maken. Naar de Chickie Monkeys dan maar. Het eten is alles behalve tegengevallen. Een dikke burger met als voorgerecht pasta bolongese, met vlees! Dit keer hoefden we een keer geen rekening te houden met het donker worden omdat we al een plek hadden om te slapen en daar hebben we dankbaar gebruik van gemaakt. Heel gezellig met z’n vieren onze laatste nacht in de camper afgesloten in een echte backpackers tent. Allemaal vrouwen die ter plekken worden gebodypaint en vrouwen die foto’s met je willen maken, de intentie is alweer duidelijk. Goed voor je zelfvertrouwen dit. Om het helemaal af te sluiten, slapen we de laatste nacht met z’n alle in de camper. Het regent namelijk nogal hard en dat gaat onze tent niet houden. Knus, gelukkig ligt er een vrouw in het midden.
8 dec 2011: De nacht is meegevallen. Inpakken en wegwezen dus, op weg naar Brisbane. Dit is de laatste dag van ons avontuur met Pino. We hebben elkaar in zo´n korte tijd echt heel goed leren kennen. Je zit wel acht dagen dag en nacht bij elkaar op de lip. Irritaties zijn niet te voorkomen. We zijn het er wel allemaal over eens dat we het heel goed hebben uitgehouden met elkaar. De herinnering die blijft hangen, is dan ook positief. We hebben een fantastische tijd gehad die ik nooit meer ga vergeten.
9 t/m 12 dec 2011: Leon en ik blijven achter in Brisbane. Het is vooral het plan om hier bij te komen voor de rest van de reis. De eerste dag is Leon ziek achtergebleven op bed. Dit wordt dus de eerste dag alleen doorkomen dus ben ik maar zelf naar South Banks gelopen. Een zwembad met strand aan de oever van de Brisbane River. Hier heb ik lekker gezeten en met een luisterboek in mn oren naar de mensen gekeken die langskwamen. Een prima bezigheid in de zon. Een dag eenzaamheid, blijkt prima te verdragen. We gaan er alleen zeker geen gewoonte van maken. We wilden ’s avonds naar Brisbane Roar – Melbourne Heart gaan, maar omdat Leon zich nog niet goed voelde, zijn we maar niet gegaan. Wel jammer want Brisbane staat eerste in de Australische voetbal competitie. Vanaf deze dag kan ik eigenlijk mijn bezigheden wel samenvatten. We zijn uitgeweest, hebben uitgerust, gewassen en in de zon gelegen (als die even doorkwam). We zijn nog wel naar het museum geweest (Gallery of Modern Art), een interessant museum als je het mij vraagt, al was niet iedereen het daarmee eens. Vandaag worden de voorbereidingen getroffen om naar NZ te gaan. Morgen 12:20 lokale tijd (3:20 voor jullie) vlieg ik naar Auckland.
Na twee weken op reis te zijn geweest en zoveel interessante ervaringen en vriendschappen rijker te zijn, kijk ik nu uit naar het volgende avontuur. Bedankt iedereen voor dit mooie begin van mijn reis!
No worries.
‘The journey is the Reward’